't Groen Schooltje

... Net even anders ...

Leerlingvolgsysteem

Leerlingvolgsysteem

Vanaf de kleuterafdeling tot in het zesde leerjaar, wordt elk kind systematisch gevolgd.
Het KindVolgSysteem (K.V.S. bij de kleuters) en het LeerlingVolgSysteem (L.V.S.) zijn in de eerste plaats zorgverbredingsinstrumenten.   De kinderen moeten er beter van worden.

We meten en registreren de leervorderingen met regelmatige tussenpauzes en op vaste momenten gedurende hun hele schoolloopbaan.
Dit gebeurt door gestandaardiseerde en objectieve toetsen die genormeerd zijn op grote representatieve groepen.

 

Het toetsen en meten is slechts één aspect.  De andere aspecten zijn:

  • leerlingen met zeer lage resultaten signaleren,
  • leerlingen die steeds in de hoogste zones scoren worden eveneens gesignaleerd
  • indien nodig starten met een diepgaande diagnose
  • en het allerbelangrijkste is het remediëren of het handelen (d.w.z. het kind hulp bieden).

Op deze wijze kunnen tijdig aangepaste maatregelen getroffen worden voor groepen van kinderen die (dreigen) niet (langer) optimaal (te) profiteren van het onderwijsaanbod.

Het L.V.S. heeft aandacht voor de totale ontwikkeling van het kind.  Het cognitieve (verstandelijke) is belangrijk, maar we houden ook rekening met het sociaal-emotionele en de fysieke (lichamelijke) ontwikkeling van het kind.
De resultaten van het L.V.S. hebben geen weerslag op het rapport en worden nooit aan het kind meegedeeld. Ouders kunnen steeds informatie krijgen over deze testen, ze worden echter nooit mee naar huis gegeven. Het L.V.S. geeft vooral info (een signaal) over het kind aan de leerkrachten en eventueel aan de ouders. De AVI-leesniveaus worden wel steeds meegedeeld.

Zorgverbreding werkt in twee richtingen.  Sommige kinderen kunnen het klastempo of bepaalde leerstof niet aan, anderen hebben nood aan extra verrijkingsleerstof…
Wij streven ernaar onderwijs op maat van het kind te geven.
Een L.V.S. is een instrument dat ook toelaat om de evolutie van de sterkere leerlingen in kaart te brengen, zij het iets minder genuanceerd.  De kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong, die een extra uitdaging kunnen gebruiken, worden ook gesignaleerd.  Zij komen in aanmerking voor de kangoeroeklas. 
Er worden duidelijke afspraken gemaakt en de ouders ontvangen info over de werking van dit klasje.

De taakleerkracht en de GOK- en zorgleerkracht bieden hulp aan de leerlingen met een tijdelijke leervertraging of met leerstoornissen, maar ook aan de leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong, indien nodig. Dit gebeurt in samenspraak met de klastitularis.

In november worden in de tweede en derde kleuterklas de ‘CITOtoets’ afgenomen. Hiermee wordt nagegaan in hoeverre deze kleuters reeds voldoende rijp zijn. Kinderen die hierop zwak scoren, worden op het einde van het schooljaar opnieuw getest op ‘leerrijpheid’.
De ouders van deze kinderen worden nadien uitgenodigd voor een gesprek met directie, CLB, en de leerkrachten van de 3de kleuterklas en het 1ste leerjaar. Het resultaat van deze test, en het al dan niet overgaan naar het 1ste leerjaar worden dan besproken.

Op aanvraag van de ouders verstrekt het CLB aan de leerlingen van het 6de leerjaar studieadvies.